Vrijdag 18 mei 2012 | RSS

Idool: ontmoeting met Jan Janssen

Categorie: B.N. interviews | door | geplaatst op 02-03-2007 om 17:53

Door Bart Kruizinga Tour de France – winnaar van 1968 ontvangt ons met open armen. (BKr: Ik neem u bewust niet meer mee door het actieve wielerleven van dhr. Janssen omdat dit hoegenaamd bekend moge zijn. Ik beschrijf de aanleiding, de ontmoeting en mijn indrukken. Veel leesplezier!)

Kijkend in de plakboeken, foto Dolf Bakker Kennismaking met het wielrennen

1968. Binnenkort word ik 9 jaar. Van wielrennen weet ik niets. Ik heb zelfs nog geen voetbalidool terwijl ik straks ‘op voetbal ga’. De wereld om me heen is nog klein en voorspelbaar en ik zie op een bepaald moment dat mijn broer nogal uit zijn bol gaat. De TV gaat aan. In zwart wit zie ik een man op de schouders worden gedragen. Ook mijn vader is erg opgewonden. Even later gaat de radio aan. Aan mij voorbij trekt een golf van emotie als Jan Janssen de Tour de France wint. Ik onderga het maar begrijp er meer dan de helft niets van.

Nog meer wielrennen

Nadien begint in elk geval de naam Jan Janssen voor mij te leven. Alle kleine houten pionnen van ‘Mens erger je niet, Ganzenbord en Monopoly’ worden door broer Evert verzameld. Hierop worden minuscule rugnummertjes geplakt en de groene nr. 1 is steevast Jan Janssen. Op het Monopolybord worden wielerwedstrijden nagespeeld en hoe we de dobbelstenen ook gooien; Jan Janssen wint bijna altijd. Mijn vader kent ook nog mensen uit Haarlem. Een man genaamd Roelie Kuipers die hij vanuit de oorlog kent toen hij dwangarbeid voor de Duitsers in Hamburg moest verrichten. Ze komen wel eens op visite en wij gaan ook wel eens naar het verre Haarlem. Kuipers heeft twee zonen die aan wielrennen doen en één keer is er een jeugdwielerronde in Musselkanaal. De jongens van Kuipers doen mee en dit, met het boven omschreven, is gelijk al mijn ervaring met het wielrennen.

Voor ons bestaat er in die tijd maar één sport en dat is voetballen. Pas later, als ik het besef krijg van Radio Tour de France met de successen aan het eind van de jaren ’70, komt wielrennen meer en meer in mijn leven. Ik ga dan naar de tweede Gouden Pijl – uitvoering in 1977. Mijn schoonvader neemt me mee en ik raak geobsedeerd door mannen als Fedor den Hertog, Joop Zoetemelk, Gerard van Vianen. Deze uitvoering wordt gewonnen door Michel Pollentier. Het is 1979. Evert heeft inmiddels een groene Batavus randonneurfiets met een krom stuur. Ik wil ook zoiets en ik koop in de ‘Vetstukken’ bij een verkoper een oranje randonneur. Gezamenlijk volgen we één van de eerste RUN – 100 uitvoeringen. Het parcours is één grote ronden en na die 100 km was ik steenkapot. Bij de oude Maas koop ik in 1980 een Gazelle Tour de l ‘Avenir. Framehoogte 65 en af en toe fiets ik wat afstandjes. Nog weer later, halverwege de jaren ’80, kom ik noodgedwongen door een blessure op de racefiets. En dan komen zaken in een stroomversnelling.

Waarom Jan Janssen
‘Mijn tijd’ van idolen zijn dus mannen als Hinault, Raas, Kneteman en Zoetemelk. Logisch, want deze tijd maak ik immers bewust mee 'Heroïsch' Jawel, maar ik ben toch meer geobsedeerd door de tijd van het zwart / wit, de legendarische radiocommentaren van Theo Koomen en boeken over het fietsen van de jaren ‘50 en ‘60. Als we dan via een tip aan een plakboekenserie kunnen komen uit die tijd happen we toe. En het blijkt een fantastische collectie te zijn van 19 boeken, met in 9 delen min of meer het materiaal van en over Jan Janssen. Als het Sint Nicolaastijd is vraag ik daar bovenop via mijn ‘lotje’ het boek ‘Jan Janssen, vedette op de grens’, een biografie geschreven door Fred van Slochteren. Een boeiend relaas van een jongen uit Nootdorp, één van een tweeling, die zijn weg in het wielerpeloton weet te vinden en tot grote prestaties in staat blijkt. Dan besluit ik het ‘te wagen’. Een telefoontje naar het bedrijf van Janssen in Hoogerheide met het verzoek om het e-mailadres van ‘Le Professeur.’ Ik vraag om een ontmoeting en hij stemt daar in toe. Ik krijg nog een tip dat Tom Rustebiel van Wielerrevue wellicht geïnteresseerd is in een verhaal rondom deze ontmoeting. Ook dat lukt en met bestuurslid Dolf Bakker van Toer ’80 reizen we met z’n drieën vandaag (23-2-2007) om 07.00 uur af vanuit Wildervank. De afspraak is om 10.30 uur. We arriveren 2 minuten voor de afgesproken tijd bij de zaak van Janssen. Jan Janssen doet zelf open. Het begin van een boeiende ontmoeting.

Toeval bestaat niet
Kort voor onze ontmoeting heb ik contact met Cor en Carla Vos. Een verzoek om een interview voor het Toer ’80 Online Magazine wordt aan meegewerkt en in de kantlijn hebben we het nog even over ons bezoek aan de voormalig Tourwinnaar. Carla neemt deze job op zich omdat echtgenoot Cor in Californië verblijft. Zij heeft ook een rol in de ontmoeting en met name haar lach heeft ook werking in het geheel. Zo zie je maar dat je nooit contact hebt met mensen. Ineens dat wel hebt en nog geen twee weken later ook deze ontmoet.

Jan Janssen nu
Jan Janssen oogt scherp. Aan niets is te zien dat we het hier te maken hebben met een man die dit jaar in mei 67 jaar oud wordt. In tegenstelling zelfs. De fitheid straalt er van af en, zoals Janssen vertelt, twee a drie keer per week stapt hij nog op de ‘Jan Janssen carbonfiets’ om in elk geval nog 60 km of meer per keer te rijden. ATB – en doet hij af en toe. Maar het gedoe met die modder vindt hij maar niets. We zitten in een ontvangstruimte annex kleine toonzaal van Jan Janssen fietsen. Het neusje van de zalm hangt hier aan de muur. Het is het leven na en naast het fietsen wat de rest van het werkzame leven van Janssen heeft bepaald. Later krijgen we nog een rondleiding door zijn bedrijf. Mooi!

De plakboeken komen op tafel. Snel bladert hij er doorheen, hier en daar stilstaand bij bepaalde plaatjes. “Kijk, die leeft niet meer, hij heeft het aan zijn hart, die mist inmiddels twee benen, ik ga nog vaak bij hem op bezoek, die sprint kan ik me nog herinneren, daar riep mijn dochter hé papa.” Om even later door te gaan met: ”Ja, alles is vergankelijk. Jan Janssen op den duur ook.” Janssen krijgt vaker van dit soort bezoekjes en geniet wel van het vertoonde materiaal. Het doet hem nog wel wat, hoewel hij er steeds meer afstand van neemt. Het hedendaagse wielrennen staat hem ook niet aan. “Man, die oortjes. Als ik bij de UCI zou zitten zou ik dat als eerste verbieden. Het is toch geen wielrennen meer? Ze zijn gewoon geprogrammeerd.” Ook het gedoe tussen de grote rondes en de UCI vindt hij maar niets. “Het wordt tijd dat het weer over wielrennen gaat. Het kan toch niet zo zijn dat Parijs – Nice niet doorgaat? Dit is niet meer te volgen. Laten ze hun verstand gebruiken” aldus een scherp reagerende Jan Janssen. Janssen, eenmaal op de praatstoel, vertelt over zijn trainingskampen, zijn wedstrijden, zijn tijd bij de Franse Pelforthploeg, de zesdaagse in Groningen, de winst in de Ronde van Spanje, zijn sprintkwaliteiten, de afstanden van etappes toen, de verzorging onderweg, het materiaal, de hotels van toen etc. etc. Mooie anekdotes heeft hij ook.

Een aantal zullen we beslist lezen in het verslag in Wielerrevue, dat 8 maart a.s. op de schappen ligt. Dan nog even het beeld van Tom Simpson. “God wat was het warm die dag. De etappe was Marseille – Carpentras. Op een gegeven moment kwamen we met een groepje aan de voet van de Mont Ventoux in Bedoin. Telkens vielen er mensen af en het was me duidelijk dat voor mij de finish bovenop de Mont Ventoux zou liggen. Ja, gevoelsmatig dan. Als ik dat in de voorste gelederen kon halen kon ik de etappe winnen. Die afdaling en de sprint in Carpentras was niet zo’n probleem. Ik won dan ook redelijk gemakkelijk, maar wat heb ik afgezien die dag. Later hoorde ik op de massagetafel dat Simpson was overleden. Ik was er helemaal kapot van. Dit heeft me nog weken, wat zeg ik, maanden beziggehouden. Simpson was een aardige man. Niet zoveel talent maar een dosis karakter dat wil je niet weten. Ik pikte hem vaak op als we naar wedstrijden in Frankrijk reden. Ik kende hem heel goed. Ik heb er nu nog spijt van dat ik niet op zijn begrafenis ben geweest. Veel, veel later stond ik ergens op een beurs. Kwam een vrouw naar mij toe. Ze stelde zich voor en zei de dochter van Tom te zijn. Ik weet haar naam zo niet meer (Jane of Joanne BKr). Hebben we over haar vader gesproken. Ook dat deed me heel veel. Overigens zijn er wel vaker doden gevallen tijdens mijn actieve carrière. Ooit een keer twee van mijn Pelforth collega’s in een hotel. Vreselijk.”

Nog een laatste vraag. Of er wel eens een dag voorbij gaat dat dhr. Janssen niet aan de Tour de Francewinst van 1968 wordt herinnerd? Hij denkt even na en komt dan met het antwoord: “Wel eens een dag ja. Het is nu bijna 40 jaar geleden maar ik merk nog bijna elke dag welke impact deze zege heeft gehad. Het beheerst mijn leven maar dat is wel prettig. Ach alles is vergankelijk. Ik heb thuis een schat aan materialen maar er komt een tijd dat ik het niet meer nodig heb. Moet ik het maar weggeven aan mensen die het graag willen hebben, of aan een museum natuurlijk.” Om even later weer vol vuur een ander moment uit zijn wielerleven te vertellen.

Blijvende indrukken
We waren het er nadien over eens. Wat een prachtige ontmoeting en wat een mooi moment voor ons als wielerliefhebbers. Voor ons een unieke belevenis en één om op onze harde schijf een plek te geven. Op de terugweg even langs Hopmans. We zijn nu toch in e buurt.Hangt daar het retroshirt van de Pellforth – Sauvage – Lejeuneploeg. Juist ja, de ploeg van Jan Janssen. Die kan ik dus niet laten hangen. Samen met een Moltenishirt van de opvolger van Janssen neem ik die mee naar huis. Om 20.00 uur begin ik met mijn verhaal. Onvergetelijke indrukken van de ontmoeting met een Tour de Francewinnaar.

Nadere info Foto's van de ontmoeting met Jan Janssen te zien bij: - onze foto's onder Jan Janssen. Hierbij ook enkele historische beelden uit onze plakboeken; - Fotopersbureau Cor / Carla Vos klik: hier. U kunt dan zoeken op: Categorie: Sport Subcategories: cycling Related keywords: janssen kruizinga fan

Andere recent nieuws

Bert Sietsma gemotiveerd voor Tour for Life »
Toertocht Papenburg 2e Pinksterdag »
Week 20 »
Alweer wind…wind… en nog meer w…. »
Sikkom in t Pekelderdaip »